Printvriendelijke versie

Mail het een vriend(in)
 

Longkanker algemeen

Overlevingskansen

Niet-kleincellige longkanker
Bij het inschatten van de overleving wordt gebruik gemaakt van een mediane overleving. Dit wil zeggen dat op dat tijdstip 50% van de patiënten met die vorm van kanker overleden zijn of overleven. Ook wordt gebruik gemaakt van de 5 jaars overleving: dit wil zeggen welke percentage van de mensen met deze vorm van kanker overleven 5 jaar na het stellen van de diagnose.
Wordt longkanker niet behandeld dan is de mediane overleving 6 maanden. Na chirurgische behandeling is de vijfjaars overleving ongeveer 40%. Dit is mede afhankelijk van de uitgebreidheid van de tumor. (zie ook: Chirurgie) De vijfjaars overleving na radiotherapie is 5-10% ook weer mede afhankelijk van de grootte van de tumor en eventuele uitzaaiingen. (zie ook: Radiotherapie) Voor chemotherapie geldt een vijfjaars overleving kleiner dan 1%. (zie ook: Chemotherapie).

Kleincellige longkanker
De overlevingskansen worden bepaald door de uitgebreidheid van de ziekte, de algemene toestand van de patiënt, een aantal bloedbepalingen (melkzuur dehydrogenase (LDH), alkalische phosphatase , eiwitgehalte en zout (natrium) gehalte) en de reactie op de behandeling.
De overleving na 3 jaar is bij beperkte ziekte (limited disease) die behandeld is met chemotherapie en radiotherapie boven de 20%. Behandeld met chemotherapie alleen is de 3 jaar overleving slechts 9%.
De overleving bij uitgebreide ziekte (extensive disease) is somberder: een 5 jaars overleving van 1.6%. De gemiddelde overleving is ongeveer 8 tot 9 maanden.

Mesothelioom
De mediane overleving (d.w.z. dat 50% van de patiënten nog in leven is) is afhankelijk van het stadium tussen de 11 en 22 maanden.

                      © longkanker informatiecentrum 2007  
naar bovennaar bovenkant pagina