Voor familie en vrienden
Iedere patiënt reageert anders op de ziekte
Longkanker is een heel ernstige ziekte en in de meeste gevallen
ongeneeslijk: 10 tot 15 % van de longkankerpatiënten kan worden
genezen. Veel longkankerpatiënten hebben dus niet alleen te
verwerken ernstig ziek te zijn, maar ook om binnen afzienbare tijd
te kunnen sterven. Iedere patiënt reageert daarop verschillend
en verwerkt het ook anders (zie ook ‘Wat vertel ik mijn omgeving’ onder
kopje ‘Iedereen verwerkt het anders’). Er zijn reacties
die begrijpelijk zijn, zoals bijvoorbeeld wanhoop, verdriet, angst,
boosheid en neerslachtigheid. Maar er kunnen ook reacties zijn waar
u moeite mee hebt. Soms zult u zelfs moeite hebben om de persoon
die de patiënt was voordat hij ziek werd te herkennen. Iemand
die altijd rustig en bedaard was, kan plotseling last hebben van
heftige stemmingswisselingen. Er kunnen ook reacties zijn waarvan
u zich afvraagt of u misschien moet ingrijpen. Zo kan het dat een
patiënt zijn boosheid over zijn ziekte afreageert op zijn omgeving,
mn op de mensen waar hij het meest van houdt, en heel onredelijk
wordt.
“Mijn vader was ontzettend boos dat hij ziek was. Hij was
daardoor niet te genieten en kon vooral tegen mijn moeder erg uitvallen.
Zij was erg verdrietig en probeerde hem te steunen, maar niets wat
ze deed was goed. Er viel gewoon niet met hem te leven.”
Dochter van patiënt, 39 jaar
Een regelmatig voorkomende reactie van longkankerpatiënten
is dat ze de ernst van hun ziekte ontkennen en te optimistisch zijn
over de toekomst. Het kan heel goed dat het voor u duidelijk is
dat de longkanker van uw naaste ongeneeslijk is, maar de patiënt
zelf zegt te zullen genezen.
“Toen mijn vader werd geopereerd bleek de kanker te zijn
uitgezaaid. Ze hadden wel iets weggehaald, maar niet alles. Volgens
mijn vader was de operatie geslaagd en kreeg hij chemotherapie voor
de zekerheid. Wij wisten dat dit niet waar was en de chemotherapie
was bedoeld om zijn leven te verlengen. We probeerden er wel voorzichtig
met hem over te praten, maar hij ontkende het in alle toonaarden.
Wij voelden ons erg ongemakkelijk, want we wisten niet goed wat
we moesten doen.”
Zoon van patiënt, 27 jaar
Een verklaring voor zo’n houding kan zijn dat het bericht
ongeneeslijk ziek te zijn voor de patiënt te erg is om te verwerken
en daarom (nog) niet tot hem doordringt. Het kan ook dat de patiënt
eigenlijk wel weet wat er aan de hand is, maar hier niet over wil
praten. Bijvoorbeeld omdat hij zijn dierbaren wil sparen. Voorzichtig
met de patiënt praten en aftasten of hij het niet goed heeft
begrepen of dat er misschien een andere reden is voor zijn houding
kan goed zijn. Maar hem of haar tot andere gedachten dwingen is
meestal niet zinvol. Veel patiënten hebben tijd nodig om tot
het besef te komen dood te zullen gaan.
“In het begin had mijn man het over genezen. Hij wist eigenlijk
zeker dat hij beter zou worden. En ik dacht dat ook. Maar later
toen de kanker terugkwam gingen we anders praten, toen hadden we
het niet m eer over genezen, maar over het verlengen van zijn leven.”
Echtgenote van patiënt, 59 jaar
Er is kans dat uw relatie met de patiënt door de ziekte en
alles wat daarbij komt kijken (tijdelijk) verandert. Mensen kunnen
door een ernstige ziekte als longkanker dichterbij elkaar komen
te staan, maar helaas ook verder van elkaar verwijderd raken. Dit
komt vaak omdat ze elkaars reactie op de situatie niet goed begrijpen
en dit spanningen oplevert.
Probeer de patiënt de ruimte te geven om alles wat er gebeurt
op eigen wijze en in eigen tempo te verwerken. Bedenk dat het voor
u, die niet ziek is en er misschien emotioneel iets verder vanaf
staat, een heel andere situatie is dan voor de patiënt zelf.
Maar blijf wel eerlijk en cijfer u zelf niet weg. Daar schiet niemand
iets mee op. Patiënten vinden het ook dikwijls heel vervelend
als ze teveel worden ontzien. Ze hebben dan het gevoel niet meer
serieus te worden genomen en niet voor vol te worden aangezien.
Dus als u moeite heeft met hoe de patiënt reageert of hoe het
contact tussen u verloopt, probeer dat dan rustig te bespreken.
|