Onderzoeken waar u mee te maken krijgt

Thoracoscopie

De longen worden bekleed door het longvlies en de borstholte door het borstvlies. De ruimte tussen de beide vliezen (de longvliesruimte) is erg klein en bevat doorgaans enkele cc’s vocht (pleuravocht). Bij afwijkingen aan de vliezen of in de longvliesruimte zal nader onderzoek moeten plaats vinden naar de oorzaak daarvan. Eén van de onderzoeken die daarbij gedaan kunnen worden is de zogenaamde thoracoscopie. Dit is een kijkoperatie in de longvliesruimte, meestal onder lokale verdoving.

Waarom krijg ik dit onderzoek?

Een thoracoscopie wordt uitgevoerd als het nodig is om één of beide longvliezen of de longvliesruimte nader te bekijken. Daarbij is het mogelijk tijdens het onderzoek weefsel weg te nemen voor onderzoek onder de microscoop of voor kweek.

Hoe gaat dit onderzoek?

Meestal vindt thoracoscopie plaats onder lokale verdoving. U gaat op uw zij liggen, met de kant waar het onderzoek moet gebeuren boven. U krijgt groene doeken over u heen, omdat het onderzoek steriel moet gebeuren. Het zuurstofgehalte in het bloed wordt continu gemeten door een knijpertje op één van uw vingers. Zonodig krijgt u zuurstof toegediend via de neus.

 

Voordat de thoracoscopie kan worden verricht zal eerst de long gedeeltelijk moeten worden ingeklapt zodat er ruimte is om de kijkoperatie te kunnen uitvoeren. Als er vocht in de longvliesruimte zit, kan dit worden weggezogen en vervangen door lucht waardoor de long inklapt. Indien er maar weinig vocht zit zal men trachten de long te laten inklappen door voorzichtig lucht in de longvliesruimte te brengen met een dun naaldje. Als blijkt dat het technisch mogelijk is om een thoracoscopie uit te voeren (dus als de long voldoende is ingeklapt) zal de huid en het onderhuidsweefsel met een injectie worden verdoofd op een plek tussen twee ribben.

 

Als de verdoving werkt, zal een 1,5 cm grote snee worden gemaakt. Daarna wordt een tunneltje gemaakt tussen twee ribben door naar de longvliesruimte. Via het tunneltje wordt dan een buis geplaats. Door deze buis kunnen kijkinstrumenten worden ingebracht, waardoor inspectie van de longvliesruimte mogelijk is. Tevens kunnen via deze toegang tot de longvliesruimte ook andere instrumenten worden ingebracht die noodzakelijk zijn om vocht te verwijderen of weefselstukjes te verkrijgen.

 

Tijdens de thoracoscopie krijgt u meestal een infuus waardoor tijdens het onderzoek makkelijk geneesmiddelen kunnen worden toegediend, zoals rustgevende middelen of pijnstillers.

 

Aan het eind van het onderzoek wordt een drain in de longvliesruimte achtergelaten. Een drain is een slangetje waardoor de lucht en/of vocht weer uit uw longvliesruimte kan worden gezogen, zodat uw long zich weer normaal kan ontplooien. De drain wordt vastgezet, en de opening weer met hechtingen dichtgemaakt. Vervolgens wordt u op uw eigen bed weer teruggereden naar de afdeling. Met voorbereidingen erbij duurt het onderzoek ongeveer een uur. Op de afdeling wordt meestal aan de drain gezogen via een vacuumpomp. De drain kan een aantal dagen blijven zitten

Is het vervelend?

Dit onderzoek kan vervelend zijn, daarom krijgt u pijnstillers en rustgevende medicamenten. Als u vindt dat het toch nog teveel pijn doet, kunt u dit tijdens het onderzoek tegen de arts zeggen. U krijgt dan extra pijnstillers.

Moet ik me voorbereiden?

Als u onder narcose wordt gebracht, mag u enkele uren van tevoren niet eten of drinken. Uw arts zal u dit vertellen.

Wat gebeurt er na het onderzoek?

Na het onderzoek wordt er op de afdeling een vacuumpomp op de drain aangesloten, waardoor de lucht en/of vocht uit uw longvliesruimte wordt afgezogen. Dit kan een aantal dagen duren. De drain kan onprettig aanvoelen en zelfs pijnlijk zijn. Uiteraard ontvangt u hiervoor de benodigde pijnstillers. Als de long weer volledig ontplooit is en geen lucht of vochtlekkage meer optreed kan de drain weer verwijderd worden. Dit doet geen pijn en de hechtingen mogen er na zeven dagen uit.

Het kan gebeuren dat er lucht onder uw huid gaat lekken. Hierdoor kunnen uw romp en uw gezicht gaan opzwellen. Dat is vervelend, maar het gaat gelukkig na een paar dagen vanzelf weer over.

Wanneer en hoe krijg ik de uitslag?

Het weefsel en vocht dat is afgenomen wordt onderzocht onder de microscoop en op kweek gezet. De resultaten worden naar de arts opgestuurd, die ze in een volgend gesprek met u zal bespreken.