Wat kunt u verwachten van artsen en andere hulpverleners?
Tijdens uw ziekte zult u verschillende artsen en andere hulpverleners tegenkomen. In de eerste plaats waarschijnlijk uw huisarts. Later, in het ziekenhuis heeft u vooral te maken met de longarts. Er zal worden geprobeerd om u steeds bij dezelfde longarts in te delen, maar dat is niet altijd mogelijk.
Waarschijnlijk krijgt u ook te maken met andere artsen, zoals de radiotherapeut, de chirurg, de neuroloog en de medisch oncoloog. Deze worden door de longarts om advies gevraagd en brengen aan hem verslag uit.
Alle artsen zijn er vooral voor medische zaken. Mocht u andere vragen of problemen hebben, bijvoorbeeld hoe dingen thuis moeten worden geregeld, dan kunt u daarvoor beter bij anderen terecht. Bijvoorbeeld bij het maatschappelijk werk, de medisch psycholoog, de geestelijke verzorging of een speciale verpleegkundige.
Zowel op de polikliniek als de verpleegafdeling komt u verschillende verpleegkundigen tegen, vaak hebben die een speciale opleiding in kanker of longziekten gevolgd. Zij geven vaak de chemotherapie en ondersteunen u bij uw ziekte en de behandeling. Vaak hebben zij meer tijd om met u te praten.
Er zijn verschillende soorten ziekenhuizen: streekziekenhuizen, academische ziekenhuizen en gespecialiseerde kankercentra. Er zijn het meeste streekziekenhuizen en er is altijd wel een bij u in de buurt. Meestal gaat u daar (eerst) naar toe. In de academische ziekenhuizen en kankercentra worden ook experimentele behandelingen aangeboden. Dat betekent dat er meer en langer behandelingsmogelijkheden zijn. U moet echter aan allerlei eisen voldoen om daarvoor in aanmerking te komen, meer onderzoek ondergaan en mag er niet teveel van verwachten. De werking moet nog worden bewezen.